Opgeblazen Afrikanen buikjes en geen gouden M?!

22 september
Vandaag hadden we met Sabato afgesproken om naar het Yohanna Memorial Center te gaan om te gaan voetballen met de kinderen. Aangekomen bij het centrum komen de kinderen naar ons toe gerend en begroeten ons met ‘good morning madame’ en maken een buiging. Hier kan ik nog steeds niet aan wennen dus buig af en toe met ze mee uit automatisme. Ze verwisselden direct hun slippers voor hun dichte schoenen toen ze hoorden dat we met ze gingen voetballen. De kinderen droegen de vorige keren uniformpjes maar nu droegen ze denk ik kleding van thuis. De kleding zag er oud uit, overal zaten gaten en scheuren. Verder droeg het overgrote deel geen petjes en geen van de kinderen droeg een zonnebril terwijl de zon fel aan het branden was op dit moment. Het was een leuk voetbalpotje maar ook erg vermoeiend vanwege de hitte. Sabato had zijn boxjes meegenomen, de kinderen schijnen erg van muziek te houden. Zodra de muziek aan ging, gingen de kinderen meteen dansen. Mooi om te zien hoe soepel de kinderen kunnen dansen en hoeveel ritme ze hebben op deze leeftijd. Je merkt echt dat muziek een grote rol speelt binnen deze cultuur want zo ritmisch aangelegd zijn we niet in Nederland. Angela en ik deden dit keer ook wat danspasjes met ze mee. Daarna hebben ze ook nog liedjes voor ons gezongen. Mijn naam vonden ze een beetje lastig waardoor ze ‘La-oe-la’ zongen, wel heel schattig. Na alle work-outs waren we uitgenodigd om te blijven lunchen. We aten ‘makande’, maïsmeel met bonen. Wederom zat er niet veel smaak aan maar je zat er wel snel vol van. Je merkt hier dat het dus niet echt om de smaak draait, maar vooral om de voedzaamheid ervan. Na de lunch zijn we weer richting huis gegaan. Sabato stelde voor om vanavond een drankje te gaan doen in de stad met een andere collega. We hebben twee collega’s toegewezen gekregen die met ons mee gaan als we eventueel een keer ’s avonds weg willen, soort bodyguards haha. In de middag deden we nog boodschappen omdat we pannenkoeken wilden gaan bakken. Ze hebben in de supermarkt alleen niet een groot aanbod. Zo verkopen ze ook geen eieren. Angela had een recept gevonden waarbij we alleen water en bloem nodig hadden, dus gingen we daar maar voor. We waren blijkbaar onze wc rollen in de bajaji vergeten, dus die kregen we ’s avonds nog afgeleverd. In de avond bakten we de pannenkoeken die van zichzelf niet zo veel smaak hadden, niet zo gek zonder melk en ei. We besmeerden ze met nutella en banaan, wat wel meer smaak gaf. In ieder geval beter dan weer rijst met bonen. Na het eten hadden we nog steeds niks gehoord van Sabato, want die had weer geen tijd doorgegeven dus stuurde we maar een appje. ‘Plans changed’, kregen we terug, waar we eigenlijk al vanuit waren gegaan. Angela en ik weten deze avond even niet meer wat we met ons leven aan moeten (heel dramatisch) en kunnen alleen nog maar aan lekker Nederlands eten denken. 😉


Voetballen met de kinderen.

23 september 
Vandaag dachten we weer mee te gaan naar de kerk met Paulina, dus zaten we netjes om tien uur klaar. Om tien voor half elf kwam ze voorbij lopen en zei ‘Hi ladies’, en vertrok meteen met haar auto. We waren er al te veel vanuit gegaan dat we met haar mee zouden gaan, dus dit was ineens weer onverwachts voor ons. Hierdoor hadden we ook ineens geen planning meer voor vandaag. Uiteindelijk besloten we maar onze interviews van afgelopen week uit te gaan werken. Ik kwam op het idee om in de middag naar Lenny Hotel te gaan om iets lekkers als pizza te gaan eten, omdat we hier echt heel veel behoefte aan hadden en ik vond dat we dat na alle gecancelde afspraken wel hadden verdiend. Eigenlijk dus een beetje om ons verdriet weg te eten. Op het punt dat ik mijn spullen wilde gaan pakken, kwam Melvin binnenlopen met twee borden met gekookte banaan. Dat werd dus toch geen pizza. Ik heb een paar happen genomen maar meer lukte me ook niet. Rijst, bonen en banaan komen momenteel echt mijn neus uit. Het is niet zozeer alleen de smaak maar ook gewoon dat ik er momenteel echt een opgezette ‘Afrikanen’ buik van heb gekregen. Je hebt vast wel eens op tv of foto’s, kindjes gezien met opgezette buikjes door tekort aan eiwitten. Nou, zo zie ik er momenteel ook uit. Ik merk echt dat ik ander eten nodig heb, maar er is gewoon niks anders. We zouden wel vaker zelf kunnen gaan koken, maar er is gewoon niet veel verscheidenheid aan producten hier. Na de paar hapjes banaan zijn we maar een rondje in de buurt gaan lopen. Onderweg kwamen we een collega tegen die naar Mwanza onderweg was. ‘Houden jullie van lopen?’, waarop wij ‘ja’ antwoordden. Afrikanen, of Tanzanianen, pakken voor iedere meter een taxi, al is het een fiets-, motor- of bajaji taxi, ze weigeren om te lopen. Uiteindelijk hebben we een uurtje gewandeld en kocht ik onderweg cola voor mijn buik (schijnt te helpen als je last van je buik hebt). Toen we thuis kwamen, vroegen we aan Paulina of ze al iets meer over de safari had gehoord. Ze had een offerte binnen gekregen maar het zou heel erg duur zijn volgens haar. De offerte van de safari was inderdaad te belachelijk voor woorden, want we kwamen uiteindelijk op 1600 dollar uit voor twee personen voor twee dagen. Alleen het huren van de jeep auto kostte al 800 dollar. Gelukkig kent Paulina heel veel mensen, dus wist zij wel wat vrienden die ook safari’s organiseren. Ze had iemand te pakken gekregen en had tegen hem gezegd dat wij arme studenten zijn en dus niet veel geld hebben. Dit heeft blijkbaar geholpen want uiteindelijk hebben we nu een safari kunnen regelen voor zeker de helft goedkoper. ‘Als het goed is’ (met hele dikke aanhalingstekens), kunnen we volgende week maandag op safari gaan naar Serengeti National Park. We gaan als overnachting kamperen, wat ik nog nooit heb gedaan, dus een eerste keer kamperen in Afrika lijkt me een goede eerste keer. Gezien de safari vanuit Mwanza wordt georganiseerd en we dit weekend al naar Mwanza wilden gaan, staat er nu op de planning dat we zondagochtend naar Mwanza zullen vertrekken. Hierdoor hoeven we de maandagochtend niet te haasten naar Mwanza. We kijken al erg uit naar het hotel in Mwanza, omdat we daar een wcPOT(!) zullen hebben en een WARME(!) douche.

24 september
Vandaag weer een start van een nieuwe werkweek. De wekelijkse meeting begon met het zingen van het volkslied om de doden te herdenken die zijn omgekomen bij het ongeluk met de ferry. Na de meeting zijn Angela en ik aan de slag gegaan met het maken van een advertentie voor de Miss & Mister verkiezing. Wij zullen de sociale media een beetje gaan updaten met informatie over dit evenement. Eddy vroeg ons wat we het meest missen van thuis. ‘Dutch food’, was ons antwoord. En ook vooral de McDonald’s. Hierdoor ben ik erachter gekomen dat haast niemand hier de McDonald's kent überhaupt. Sandy heeft voor me opgezocht dat de McDonald’s niet bestaat in Tanzania. Dan is het natuurlijk niet zo gek dat ze het niet kennen, maar ik kan het me gewoon niet voorstellen. In een winkelstraat van Amsterdam zijn er al minstens drie te vinden, en hier in dit grote land niet eens één?! Deze mensen moeten écht wat missen in hun leven. 😂 Hierna zijn we gaan lunchen en ging ik toch maar weer eens voor de ‘ugali’, omdat ik ook weer niet drie maanden lang elke dag rijst kan eten. De deegbal was dit keer verser dan de eerste keer dus ik had gelukkig geen last van mijn maag gekregen. We moesten om kwart voor twee terug zijn omdat we met Luci van Albinism Department mee ‘het veld’ in zouden gaan, zoals antropologen dat ook wel noemen. Uiteindelijk vertrokken we een half uur later. Onderweg moesten we nog wat mensen ophalen waardoor we uiteindelijk met zijn zessen in de auto zaten. Angela en ik zaten met twee anderen op de achterbank, wat nogal proppen was. In een gammel autootje reden we naar een plek waarvan we geen idee hadden hoever het zou zijn, maar het was ‘a bit far’. Onderweg herkenden we de weg richting Katoro, waar we afgelopen week ook al waren. Toen we in deze stad aankwamen, namen we een afslag en kwamen we terecht in een soort onbewoonde wereld. Na heel vaak de weg te hebben gevraagd en na heel wat omdraaien, waren we eindelijk op de goede weg. Na 2,5 uur kwamen we eindelijk aan. De omgeving was weer typisch Afrikaans. Kleine stenen huizen met allemaal doeken die als ramen en deuren moeten fungeren. Er waren veel kinderen die speelden met fietsenbanden en plat gemaakte flessendopjes. Voor het huis zat een groep vrouwen met hun kinderen op de grond. Verderop waren er nog wat ronde stenen huisjes te zien met strodaken. Toen wij aankwamen, werden er meteen stoeltjes voor ons gepakt zodat we konden zitten. De meeting was bedoeld om de ‘probleemgroepen’, in dit geval, vrouwen, jongeren en mensen met een disability, te adviseren en te stimuleren. Na de meeting wilden we weggaan, maar Luci zei dat ze nog drinken voor ons hadden gekocht. Ze hadden speciaal frisdrank voor ons gekocht terwijl ze daar amper het geld voor hebben. Ik voelde me zo ongemakkelijk en alle kinderen zaten ons met grote ogen aan te kijken hoe we het flesje leeg dronken. Ik kreeg het gewoon bijna niet weg uit schaamte. Na het drinken vertrokken we weer richting huis. We waren het dorp nog niet uit of Angela zag al dat de tank bijna leeg was. Gezien de weg binnen het dorp best lang duurt en het al donker begon te worden, zag ik het somber in. De weg in het dorp leek eeuwig te duren, maar blijkbaar reden we binnendoor en niet via de hoofdweg terug naar Geita. Toen we eindelijk weer in de bewoonde wereld terecht kwamen, waren we dus al bijna thuis. Na een werkdag van bijna twaalf uur, waren we wel heel moe. Na vandaag heb ik wel echt even een realisatiemoment gehad. Eerlijk gezegd dacht ik drie weken geleden toen ik hier aankwam dat ik in een heel primitief leven terecht kwam (vergeleken met wat ik heb in Nederland); een gat in de grond als wc, een douche met alleen maar koud water, geen koelkast, etc. De mensen die wij vandaag in het dorp hebben ontmoet, hebben niet eens een wc maar doen hun behoeften in de natuur (wel afgeschermd met enkele takken), en hebben zij geluk als ze eens in de dagen kunnen douchen. Het klinkt heel cliché maar ik heb nu wel even ingezien dat waar en hoe wij ‘wonen’ in Geita, een enorme luxe moet zijn vergeleken met hoe de mensen leven die we vandaag hebben ontmoet. Wat trouwens nog wel een leuk contrast was vandaag, is dat de plek in het dorp waar we vandaag waren, ‘the centre’ wordt genoemd door deze mensen. Zij zagen dat dus als de stad terwijl het voor mij als een onbewoonde wereld voelde.






De vrouwen en kinderen in het dorp.

25 september
Vandaag wilden Angela en ik verder gaan met de Miss & Mister verkiezing promoten op sociale media, maar we wachten al zo'n 24 uur op de inloggegevens van het Facebook-account van Nelico. In Nederland zou dit binnen één minuut geregeld kunnen worden, maar hier duurt het allemaal even net iets langer.😉 We kregen steeds het antwoord: 'over een paar minuten krijgen jullie het', maar hier hebben we uiteindelijk heel de ochtend op gewacht, en zonder resultaat. Ruta kwam ons in de middag ophalen voor een lunch. Na de lunch bedankte hij ons voor onze gastvrijheid dat wij hem mee hadden genomen, maar eigenlijk had hij ons uitgenodigd, alleen was de rekening dan wel voor ons. Zou wel grappig zijn als ik in Nederland iemand mee vraag om te lunchen, maar ik diegene wel voor mij laat betalen. In de middag gingen we weer met Luci mee het veld in. Weer met zes man in de auto, reden we richting een dorp vlakbij het dorp van gisteren. We reden nu in een keer goed, dus dat scheelde een uur reistijd. Hier hadden we weer een soort meeting en dit keer alleen met mensen met albinisme. De meetings tot nu toe gaan vooral over geldzaken, zoals het stimuleren van eigen kleine bedrijfjes. Van te voren had ik verwacht dat er veel meer gepraat zou worden over bijvoorbeeld de veiligheid of rechten van personen met albinisme, maar dat blijkt dus niet het geval te zijn. Het kan natuurlijk ook maar net toeval zijn dat wij precies deze meetings bijwonen. De meeting was, net als gisteren, in het Swahili, dus we krijgen er steeds maar een paar zinnen van mee. Na ongeveer een uur konden we weer terugrijden. Vandaag vonden we in een keer de weg terug en was de tank nog vol, dus waren we na anderhalf uur weer thuis. Onderweg fantaseerden we nog over al het eten waar we nu zo'n trek in hebben, van blokjes kaas tot tompoezen en van taart tot bittergarnituur. Normaal als ik op vakantie ben, heb ik een hekel aan dat soort 'oranjecafés' waar je op je vakantie lekker een frikadel kan halen. Hier zou mijn droom uitkomen als ze dat hier hadden gehad. Het verschil is natuurlijk dat er op vakantie genoeg ander lekker eten te vinden is, maar dat is hier niet het geval helaas. Vanavond aten we weer heerlijk rijst met bruine bonen.


Foto's van de meeting van vandaag.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Laatste 'stageblog'

Be set free!